dinsdag 31 juli 2012

THE GOD-KIND OF WOMAN



Spreuken 31:11 Op haar (een degelijke huisvrouw) vertrouwt het hart van haar man, het zal hem aan voordeel niet ontbreken. (NBG)
The heart of her husband trusts in her confidently and relies on and believes in her securely, so that he has no lack of (honest) gain or need of (dishonest) spoil. (Amplified)
Deze vrouw voegt waarde toe aan haar man. Ze voegt waarde toe op elk gebied. Zelfs financieel: ze handelt, ze koopt en verkoopt, ze investeert. Zeker geen onderdanig dom vrouwtje. Nee ze heeft de touwtjes goed in handen. Ze managet haar huishouden op elk gebied. Ze geeft leiding aan het personeel, zorgt ervoor dat het huis in orde is, zorgt ervoor dat iedereen er altijd keurig netjes bij loopt. Ze ziet erop toe dat er altijd voldoende aanwezig is van alles wat nodig is in een huishouden. Ze zorgt voor een goede naam. Ze geeft aan de armen. Ze is slim en intelligent. Door haar goede zorgen is haar man een man van aanzien.
Als je leest over deze vrouw is het niet zo moeilijk te begrijpen waarom ze van waarde is voor haar man. Zij is de hulp die God in Genesis bedoelde. Haar man kan haar 100% vertrouwen, op elk gebied.  
Zij beheert het geld en is er volledig mee te vertrouwen, ze verkwist geen geld maar gaat er wijs mee om zodat hun vermogen toeneemt. Ze heeft genoeg om te geven aan de armen. Hoe vaak zie je tegenwoordig niet dat financiën gescheiden zijn? Man en vrouw werken alle twee, ze betalen de kosten samen en de rest is: ‘Dit is van jou, en dit is van mij ’ Jouw auto, mijn auto. Twee aparte rekeningen. Dit is niet hoe God het bedoeld heeft. Als je trouwt word je één, op elk vlak. Niet jij en ik, maar wij. Je gaat niet ieder voor je eigen gewin maar samen voor jullie gewin. In dit Spreuken 31 huwelijk ging dat zo, hij vertrouwt haar met heel zijn hart. En het brengt hem alleen maar voordeel, hij wint er rijkelijk bij. Tijd, geld, liefde, respect. ‘She will greatly enrich his life’. Dit is een hecht huwelijk gebaseerd op respect en vertrouwen. Dat werkt voor beiden goed. Als je weet dat je man je totaal vertrouwt en op veel gebieden op je steunt, wil je dat vertrouwen ook niet beschamen. Het doet je goed dat je man zo naar je kijkt, het doet je goed dat hij er gewoon vanuit gaat dat je goed bent in alles wat je doet. Het huis wordt opgebouwd. Groei, op ieder vlak. Voordeel, verrijking.
Je bent een verrijking als je de vrouw bent die God bedoelde, de vrouw die God je maakte. Als je gebruik maakt van alle potentie die Hij in je gelegd heeft. Je kinderen houden van je en je man draagt je op handen.
The God-kind of woman.

maandag 30 juli 2012

KADOTIP


Handelingen 3
Johannes en Petrus gaan naar de tempel om te bidden en in de poort waar ze doorheen moesten ligt een verlamde man die daar iedere dag wordt neergelegd om te bedelen. Ze staan stil bij de man en zeggen tegen hem: ‘Kijk ons aan’. De man kijkt vol verwachting naar hen op want hij verwacht geld te krijgen, maar Petrus geeft hem iets veel mooiers, hij zegt tegen de man: ‘Luister, geld heb ik niet maar wat ik wel heb zal ik je geven’. 
Petrus reikt hem de hand en helpt hem omhoog, de voeten en enkels van de man worden sterk en hij kan lopen.
Ik vind het mooi om te zien wat Petrus die man hierdoor allemaal geeft. 
De man is afhankelijk van anderen, Petrus geeft hem zijn onafhankelijkheid. 
De man had geen mogelijkheden, Petrus geeft hem mogelijkheden. 
De man had blijkbaar geen geloof anders had hij al eerder genezen geweest, Petrus geeft hem geloof, Petrus laat hem zien welke kracht er schuilt in Jezus naam.
Petrus biedt de man zijn rechterhand, hulp, een nieuwe start.
Petrus laat deze man zien wat er mogelijk is in Jezus naam. 
Hij vraagt de omstanders: ‘Waarom zijn jullie zo verbaasd? Jullie doen net of wij dit aan de man gegeven hebben, maar dat is niet zo, het is het geloof in Jezus naam dat deze dingen doet.’
Deze waarheid en deze kennis zijn iets waar je levenslang iets aan hebt. Deze man ervaart zelf uit eerste hand de kracht van Jezus naam, de kracht van het geloof in Jezus.
Deze man zal daar heel zijn leven lang profijt van hebben, en zelfs daarna. 
Een aalmoes? Hij had een dag te eten gehad en de volgende dag had hij weer in de poort gelegen, altijd afhankelijk van anderen, altijd bang, altijd onzeker: ‘Wat als ik geen geld heb? Wat als niemand mij te eten geeft?’ 
Petrus geeft hem de mogelijkheid om zelf voor eten te zorgen, Petrus geeft hem als het ware leven.
Petrus laat hier werkelijk zien: Geloof in actie.
Petrus laat hier zien, niet alleen aan de man maar aan alle omstanders: Dit is wat er gebeurd als je je geloof in Jezus omzet in daden, als je je geloof doet.
En ik denk dat hij dat ook aan ons laat zien, nu: Dit is het gevolg als je je geloof doet.
Als je je geloof doet geneest het, als je je geloof doet geeft het leven, geeft het mogelijkheden, geeft het kansen, geeft het self support, eigen verantwoording, doet het wat in Johannes 10:10 staat Ik ben gekomen om leven te geven in overvloed  dát is wat geloof in Jezus naam doet,  dat deed het toen in de poort ‘de Schone’ en dat doet het nu nog. In de Engelse vertaling heet de poort ‘Beautiful” en het is beautiful.
De kracht van Jezus naam, de mogelijkheden van Jezus naam, het leven wat Jezus naam geeft is Beautiful.
En het is het beste kado wat je een ander kunt geven.

zondag 29 juli 2012

JE BENT WAT JE EET



Hele goeie preek vanmorgen over het toepassen van Gods Woord en over de autoriteit die wij hebben. Hoe het altijd onze keuze is of we Gods Woord prioriteit in ons leven laten zijn of ons laten verleiden door de leugen en die naleven.
Heel ons geloof draait erom in Jezus voetsporen te treden en zo Gods wil hier op aarde waar te maken.
Dan moeten we natuurlijk wel weten wat Gods wil is, en er is maar één manier om daar achter te komen: Zijn Woord,de Bijbel lezen.
Om te weten wat God wil, zullen we Zijn Woord moeten lezen. 
Ik hoor mensen vaak zeggen: ‘Ja maar ik heb een hekel aan lezen’ of ‘Ik kan niet goed lezen’ ‘Geen tijd’ en ga zo maar door, maar om te bereiken wat je wilt zul je moeten doen wat je moet doen.
Je kunt wel gered zijn maar hoe weet je wat je moet doen als je Gods Woord niet leest?
Hoe wil je je gedachten vernieuwen als je niet weet waarmee?
Waarmee wil je verleiding weerstaan als je Gods Woord niet kent?
Toen Jezus 40 dagen in de woestijn was en Hij honger had probeerde de satan Hem te verleiden door Hem erop te wijzen dat Hij als Zoon van God makkelijk een steen in brood kon veranderen. Jezus zei hierop: Er staat geschreven: De mens leeft niet van brood alleen, maar van elk woord uit de mond van God.
Jezus vergelijkt Gods Woord met eten. Eten is een levensbehoefte en doen we elke dag, meerdere malen zelfs.
Jezus zegt hier en bij elke andere verleiding: Er staat geschreven. Wat wil zeggen dat Jezus heel goed wist wat er geschreven stond en dat kon Hij maar op één manier weten: door het gelezen te hebben.
Het is niet voldoende om een keer per week naar de kerk te gaan en daar een half uurtje te horen vertellen over Gods wil. Een student die een masteropleidng doet heeft ook niet genoeg aan een half uurtje college per week.
Als we werkelijk werk willen maken van Gods Wil en werkelijk Zijn Wil willen doen geschieden hier op aarde zullen we Zijn Wil moeten kennen en moeten weten waar we het over hebben en dat wil zeggen dat we ons er dagelijks mee moeten vullen.
In Romeinen 12:2 staat: U moet uzelf niet aanpassen aan deze wereld, maar veranderen door uw denken te vernieuwen, om zo te ontdekken Wat God van u wil en wat goed, volmaakt en Hem welgevallig is.
God wil graag dat wij onze gedachten vervangen door Zijn gedachten want als we ons denken niet veranderen zal ons leven niet veranderen, en al Gods gedachten kun je vinden in Gods Woord.
Jozua 1:8 Leg dat wetboek geen moment terzijde en verdiep je er dag en nacht in, opdat je je aan alles houdt wat erin geschreven staat. Dan zal alles wat je onderneemt voorspoedig verlopen.

Als je eenmaal gewend bent elke dag in je Bijbel te lezen zul je merken dat het inderdaad net zo onmisbaar is als eten.

zaterdag 28 juli 2012

SO GO!



Iedereen weet inmiddels dat het niet zo goed gaat met Europa, Griekenland, Spanje, Italie, allemaal in financiele problemen en ook in Nederland is het gesprek van de dag: crisis. Ik zit bij de kapper en hoor al de angstaanjagende verhalen aan over hoe slecht we het nog zullen krijgen en hoeveel meer bedrijven er failliet zullen gaan. Deze verhalen horen we inmiddels als jaren en ik bedenk hoe jammer het is dat zoveel mensen God niet kennen en Zijn beloften niet kennen.


 Deuteronomium 1
Het volk is in de wildernis. Een reis van 11 dagen, maar nu 40 jaar later zijn ze er nog. Mozes vertelt het volk wat God zegt: ‘Jullie zijn lang genoeg op deze berg gebleven. Het is tijd je kamp op te breken en verder te trekken.’
‘Ik geef jullie een nieuw land, trek er naartoe en neem het in’
De wildernis was groot en angstaanjagend. Maar dan bereiken ze het beloofde land. Zie, de Here uw God, heeft het land aan u gegeven. Ga en neem het in bezit zoals God je beloofd heeft. Wees niet bang en laat je niet ontmoedigen!
Maar het volk reageert: EERST willen we verkenners het land insturen om het land voor ons te verkennen.
Ze gaan in tegen de opdracht van God en weigeren het land in te nemen.
Ze gingen eerst kijken hoe zij het moesten doen, of zij sterk genoeg waren, of zij het land in konden nemen en de vijanden konden verslaan. De verkenners moesten gaan kijken hoe zij de zaak aan moesten pakken, terwijl God het hen allang beloofd had.
Ze besloten op hun eigen kracht te vertrouwen.
Is dat niet wat wij ook vaak doen?
Toen Jezus stierf zei Hij: Het is volbracht, ziekte, armoede, angst, strijd, tekorten, allemaal overwonnen. Hij gaf ons een nieuw land: genezing, voorspoed, moed, rijkdom, liefde.
Maar toch besluiten wij keer op keer EERST het land te verkennen hoe wij het moeten doen op onze kracht, en we besluiten dat we het land niet in kunnen gaan want de vijand: ziekte, tekorten, verlies, angst, schulden, bitterheid, financiële problemen, is te groot, reusachtig.
We blijven in de wildernis terwijl Jezus ons de overwinning allang gegeven heeft!
God heeft het zelfs niet eens over strijd, Hij zegt slechts: Ga en neem het in, 
want het IS al van jou.
SO GO!

vrijdag 27 juli 2012

ONGELOOF




Mattheus 17:20  Hij antwoordde: ‘vanwege jullie gebrek aan geloof. Ik verzeker jullie: als jullie geloof hebben als een mosterdzaadje, dan zullen jullie tegen die berg zeggen: ‘verplaats je van hier naar daar!’ en dan zal hij zich verplaatsen. Niets zal voor jullie onmogelijk zijn.
Ik weet dat dit onderwerp heel moeilijk ligt, ook voor mezelf. Het kan zijn dat deze tekst je lijkt te veroordelen, dat is absoluut niet de bedoeling maar ik wil Gods Woord graag helemaal begrijpen, ook de teksten waarvan ik liever niet had gehad dat ze er stonden, maar ze staan er wel.
De discipelen vragen hier aan Jezus: ‘Hoe komt het dat wij deze man niet hebben kunnen genezen?’ en Jezus zegt hier: Ongeloof, jullie geloof is te klein want als jullie geloof hebben als een mosterdzaadje dan had je het wel gekund. Het antwoord is dus simpel en duidelijk en dat komt hard aan want dat legt heel veel verantwoording bij ons en dat willen we niet. We willen niet horen dat het met ons geloof te maken heeft en daarom heb ik voor ik hier over schreef uitvoerig teksten in de Bijbel gezocht die hier over spreken en ik ben er een heleboel tegen gekomen. Ze zeggen allemaal hetzelfde: Het gebeurt zoals je gelooft, als je twijfelt, als je niet voor 100% zeker bent dan wordt je gebed gewoon niet verhoord en je kunt niet de dingen die Jezus kon.
Ik probeer een manier te vinden, voor mezelf, om het duidelijk te krijgen. Want ik twijfel net zo goed, als ik iemand in een rolstoel zie zitten dan durf ik niet te zeggen ‘sta op, je bent genezen’. Waarom niet? Omdat ik bang ben dat het niet zal gebeuren, dus ik twijfel. In Jacobus staat: als je twijfelt ben je als een golf die op en neer geworpen wordt door de wind, zo iemand moet niet denken dat hij iets ontvangen zal van God want hij is een dubbelhartig man, onstandvastig in al zijn wegen. 
Het lijkt alsof God hier het onmogelijke van ons vraagt, maar God vraagt niets van ons wat onmogelijk is.
In het stukje voor de vraag van de discipelen zegt Jezus: ‘Jullie kleingelovigen, hoelang  moet Ik nog bij jullie blijven?’ Hij vraagt eigenlijk: ‘Hoeveel moet Ik jullie nog laten zien, hoe veel moet Ik jullie nog voorleven, hoelang duurt het voor jullie geloven?’. Jezus zelf twijfelde natuurlijk niet aan Zijn Vader,Jezus zelf geloofde wel. En Hij vraagt aan Zijn discipelen: ‘Hoelang moet Ik nou nog bij jullie blijven eer jullie het ook eens geloven zonder twijfel?’  Het verschil met toen is: Jezus IS bij ons, altijd, vanaf het moment dat we voor Hem kiezen tot onze dood toe IS Hij bij ons en dat wil niet zeggen dat wij daardoor meteen perfect zijn maar Hij woont wel in ons dus alles waar Jezus voor staat zit in ons en daar kunnen we gebruik van maken. Zijn mogelijkheden, Zijn wijsheid, Zijn geloof, Zijn vertrouwen, Zijn zeker weten.
Dat Jezus tegen Zijn discipelen zegt: ‘een te klein geloof’ is niet een veroordeling dat is gewoon een vaststelling. Ik weet niet of God wel van ons verwacht dat we net zo’n groot geloof als Jezus hebben. Hij zegt alleen:’ ALS je het zou hebben dan zul je hetzelfde als Jezus kunnen.We hoeven ons er niet schuldig om te voelen, God veroordeelt ons er niet om en Hij legt geen schuld op ons, het is gewoon een vaststelling.
De discipelen vragen: ‘Waarom lukt het niet?’ en Jezus geeft het antwoord: ‘ Omdat je gewoon een te klein geloof hebt, daarom lukt het niet.’ Gewoon een eerlijk antwoord, geen veroordeling, niet een beschuldiging.
Gisteren schreef ik ook al: ‘Wat is dan geloof?’ Het antwoord is dat geloof absolute zekerheid is dat onze hoop werkelijkheid zal worden. Die absolute zekerheid is wel onze absolute zekerheid. Wij moeten het geloven. God gelooft het wel, wij  moeten het geloven. Wij moeten absoluut zeker weten. God weet het absoluut zeker, nou wij nog.
Onderstaand een aantal van de vele teksten die betrekking hebben op dit onderwerp.
Markus 9:23 Toen zei Jezus tegen hem: ‘Of Ik iets kan doen? Alles is mogelijk voor wie gelooft.’
Markus 11:22-24 Jezus zei tegen hen: ‘Heb geloof in God. Ik verzeker jullie: als iemand tegen die berg zegt: ‘Kom van je plaats en stort je in zee’ en niet twijfelt in zijn hart, maar gelooft dat gebeuren zal wat hij zegt, dan zal het ook gebeuren.
Daarom zeg ik jullie: alles waarom jullie bidden en vragen, geloof dat je het al ontvangen hebt, en je zult het krijgen.
Johannes 14:12-14 Waarachtig, Ik verzeker jullie: wie in Mij gelooft zal hetzelfde doen als Ik, en zelfs meer dan dat, Ik ga immers naar de Vader.
En wat jullie dan in Mijn naam vragen, dat zal Ik doen, zodat door de Zoon de grootheid van de Vader zichtbaar wordt.
Wanneer je iets in Mijn naam vraagt, zal Ik het doen.
Johannes 15:7 Als jullie in Mij blijven en Mijn woorden in jullie, kun je vragen wat je wilt en het zal gebeuren.
Jakobus 1:5-8 En als iemand van u in wijsheid tekortschiet, laat hij die dan vragen aan God, Die aan ieder overvloedig geeft en geen verwijten maakt, en het zal hem gegeven worden.
Maar laat hij er in geloof om vragen en daarbij niet twijfelen. Immers, wie twijfelt, lijkt op een golf van de zee, die door de wind voortgestuwd en op- en neergeworpen wordt.
Want zo iemand moet niet denken dat hij iets ontvangen zal van de Heere.
Hij is een dubbelhartig man, onstandvastig in al zijn wegen.

donderdag 26 juli 2012

GELOOF


Wat is geloof?
Hebreeën 11:1 Het geloof nu is de zekerheid der dingen, die men hoopt, en het bewijs der dingen, die men niet ziet.
In de NLT: It is the confidence assurance that what we hope for is going to happen. It is the evidence of things we cannot yet see.
Wat is geloof eigenlijk?
Er zijn mensen die zeggen dat geloof ‘niet zeker weten’ is. Hier in de Bijbel staat echter dat geloof ‘wel zeker weten is’. Heel zeker zelfs: confidence assurance  
Assurance, hier zie je het hedendaagse woord assurantie ofwel verzekering. Als je een verzekering afsluit voor iets, sluit je op dit gebied elk risico uit. Je weet hiermee zeker dat als er iets gebeurd, de verzekering uitkeert. 
In de wereld betaal je een premie voor je verzekering. Bij God betaal je ook, je betaalt Hem met geloof in Hem. 
Hebreeën 11:6
‘Zonder geloof is het onmogelijk God vreugde te geven; wie hem wil naderen moet immers geloven dat hij bestaat, en wie hem zoekt zal door hem worden beloond.’
Met een wereldse verzekering verzeker je iets wat je al hebt. Het is een overeenkomst. Jij betaalt voor een risico, de verzekering betaalt alleen bij schade of verlies.
Bij God gaat het om dingen die we niet hebben maar waar we op hopen. We betalen niet voor risico, we hebben de absolute zekerheid dat we zullen krijgen waar we op hopen.
Je hoopt dat.........En tegelijkertijd weet je zeker dat het zal gebeuren. Geloof is het bewijs voor wat we nog niet zien.
Is dat niet geweldig dat we dat mogen weten, ZEKER weten!
Waar hoop je op?
Wat hoop je dat er gaat gebeuren?
GELOOF!
Want geloof = absolute zekerheid.
Geloof is dus een enorme kracht. Geloof is wat het onzichtbare zichtbaar maakt.
Je dromen, je hoop en je verlangens.

woensdag 25 juli 2012

TIME TO FLY



Het duivenjong zit nog op haar nest, maar ze is al echt groot. Soms zit ze op het randje van haar nest en beweegt haar vleugels wat onhandig. Elke keer als ik boven kom verwacht ik dat het nest leeg zal zijn en dat ze uitgevlogen is want dat is tenslotte waar ze voor gemaakt is: vliegen.
Ik vraag me af wanneer zo’n vogel nou weet: ‘Dit is de tijd’ Want zo’n nest is best hoog en als je nog nooit gevlogen hebt dus best eng om zomaar over het randje te springen. Of zou de moeder haar een duwtje geven net zoals de adelaar doet bij haar jong?
Soms hebben we een duwtje nodig om te gaan doen waarvoor we bestemd zijn. Soms moet iemand ons even de ogen openen en ons vertellen dat het onze tijd is om te gaan doen waarvoor we bestemd zijn, dat deed zelfs Maria bij Jezus. 
Maria en Jezus waren uitgenodigd op een bruiloft. Op een gegeven moment was de wijn op en Maria zegt tegen Jezus: ‘Ze hebben geen wijn meer’. Jezus kijkt haar aan en zegt: ‘Wat heb ik daarmee te maken? Het is Mijn tijd nog niet.’ Jezus kende Zijn doel maar zei dat het nog niet de tijd was om ermee te beginnen.
Maria wist echter wel dat haar Zoon klaar was om te gaan doen waarvoor Hij bestemd was en ze zegt tegen de bedienden: ‘Doe alles wat Hij zegt’, en dit was precies het duwtje wat Jezus ertoe aanzette aan Zijn bestemming te beginnen.
Wij weten heel vaak ook waarvoor we bestemd zijn, wij weten ook wat ons doel is, maar wanneer springen we over dat randje? Misschien hebben we wel allemaal die ene nodig die tegen ons zegt: ‘Ze hebben geen wijn meer’, oftewel: ‘Daar ligt een nood en jij bent precies diegene die erin kan voorzien, dit is waar jij voor bestemd bent’
Jezus zei ook eerst: ‘Nee nu nog niet’
Herkenbaar toch?
Maar Hij wist: ‘Ja wel, dit is wel de tijd’ en Hij sprong.
Zo weten wij ook vaak dat het wel onze tijd is, maar de sprong is zo eng. Dan is het gaaf als er iemand is die je even dat duwtje geeft en je het ‘nest’ uit duwt zodat je gaat doen waarvoor je bestemd bent: vliegen!

dinsdag 24 juli 2012

EEN GOEDE GEWOONTE



Gisteren hoorde ik een verhaal wat me raakte en aan het denken zette. Het ging erover dat iedereen wel iets te geven heeft aan een ander.
Er was een verstandelijk gehandicapt meisje die via een werkcoach achter de kassa van een supermarkt terechtgekomen was. Dit meisje wilde graag van betekenis zijn voor andere mensen en daarom typte ze elke dag een bemoedigende bijbeltekst 30 keer op een A4tje. Haar vader printte dit voor haar uit, kopieerde het 10 keer en samen knipten ze 300 strookjes met de bijbeltekst. Bij elke klant die aan haar kassa kwam deed ze zo’n bijbeltekst bij de boodschappen en zei: ‘Ik heb er nog iets bijgedaan voor u, iets waar u vandaag misschien iets aan heeft’
Na verloop van tijd stond er aan haar kassa altijd een lange rij ook al waren alle andere kassa’s open. Mensen verlangden naar haar bemoedigende bijbelteksten.
En zo hebben wij allemaal wel iets te geven, het hoeft niet groot te zijn. We kunnen gebruiken wat we hebben. Iedereen kan iets moois aan een ander geven: een mooi woord, een bemoediging, tijd, een compliment. Als je van iemand houdt, zeg dat dan. Als iemand ergens goed in is zeg dat dan. Er is iets moois aan ieder mens, zoek dat op, zoek in elk mens naar het goede. Het is zo makkelijk het negatieve te zien. Maak er een gewoonte van naar het goede te zoeken, misschien dat éne goede, en vertel hen dat. Laat mensen beter achter dan ze waren. 
Gedachten zegenen mensen niet, woorden wel. Mensen hebben bemoediging nodig.
Er zijn mensen die nooit eens een complimentje krijgen. Er zijn mensen waar nooit eens aan gevraagd wordt ‘Hoe gaat het met je?’. 
Laten wij zoeken naar mogelijkheden en ons voornemen elke dag iemand te bemoedigen.

maandag 23 juli 2012

DE NAAKTE WAARHEID



Gisteren een preek over 1 Korintiers 12, waar ik van de week toevallig ook al over schreef. Hoe wij allemaal samen het lichaam van Christus zijn. Net zoals ons lichaam bestaat uit lichaamsdelen, zo bestaat Christus lichaam uit ons. Met Hem als hoofd. Toch weer een nieuwe dimensie voor mij. Lily belichtte allerlei aspecten maar een ervan trok mijn speciale aandacht: de verschillende denominaties. Lily vertelde dat er hier alleen in Nederland al wel 400 verschillende kerken zijn en dat we niet elkaars concurrent zijn maar gewoon allemaal onderdeel van Jezus lichaam en dus juist elkaars aanvulling en versterking.
De kerk, dat zijn wij als persoon, allemaal een deeltje van God. Gods lichaam heet dus kerk, zoals ons lichaam, lijf heet.
Nu komen wij samen in een gebouw en dat gebouw noemen we meestal ook kerk, dus vandaar de verwarring. De mensen van de kerk, Gods lichaam, zitten dus in het gebouw kerk.  Dat is net zoiets, vind ik, als dat ons lichaam in kleren zit. En inderdaad maakt het helemaal niks uit wat ik aan heb, ik blijf gewoon wie ik ben en al m'n lichaamsdelen ook. Of ik nou een spijkerbroek aan heb of een chique jurkje, ik ben in het ene niet beter dan in het andere, ik zie er alleen anders uit. Niet beter, niet slechter, alleen anders.  Het is niet zo dat m'n voeten in gympen ineens minder bij m'n lichaam horen dan in pumps. Ik kan zowel op gympen als op pumps de goede richting op lopen. 
Want daar gaat het om: welk hoofd staat er op ons lichaam, wie bepaalt de richting?
Het is gaaf om te weten dat het God niet om de ‘kleding’ gaat maar om wat er in zit, het gaat niet om het ‘dak’ maar om wie eronder zit!

zondag 22 juli 2012

'WIE ZEG JIJ DAT IK BEN?'


Markus 8:29   
Toen vroeg Hij hun:’En wie ben Ik volgens jullie?’ Petrus antwoordde: ‘U bent de Messias’
Hoe jij over Jezus denkt bepaalt wat Hij kan doen in jouw leven. Als je Jezus als je geneesheer ziet, zal Hij je genezen. Als je Jezus als je beschermer en je schuilplaats ziet zal Hij je beschermen.
De mensen in Nazareth, Jezus thuis, zagen Jezus als een gewone man. Ze kenden Hem en zeiden:‘Hij is toch de zoon van de timmerman en Maria is toch zijn moeder? En Jacobus en Jozef en Simon en Judas zijn toch zijn broers? En wonen zijn zussen niet allemaal bij ons? Ze zagen Jezus als een gewone man. Ze zagen Hem niet als de Zoon van God. Met als resultaat dat Jezus bij hen ook niet veel wonderen kon doen. (Mat.13:58) 
Wie ben Ik voor jou?
Tegenwoordig zien veel mensen Jezus als een wijze man die veel goed deed. En ze zeggen dat de wereld er veel beter uit zou zien als wij Zijn voorbeeld zouden volgen.
Ze zien Jezus niet als de Zoon van God die naar de wereld kwam om Leven te geven. Ze zien Hem niet als Degene die al onze zonden op Zich nam en die hele hoge prijs voor ons betaalde aan het kruis. En ze ontvangen ook niet van Hem wat ze nodig hebben, omdat ze Hem niet zien voor wie Hij is.
Hij is mijn God.
Jezus kwam niet alleen om het goede voorbeeld te geven. Hij kwam om ons te verlossen. Hij kwam om ons te rechtvaardigen. Hij kwam als onze Herder opdat het ons aan niets zou ontbreken. 
Jezus vroeg ooit aan Z’n discipelen:‘Maar wie zeggen jullie dan Ik ben?’ Jezus stelt deze vraag ook aan jou en aan mij.
Hoe je deze vraag beantwoord bepaalt hoe jij Jezus ziet. En hoe jij Jezus ziet bepaalt wie Hij is voor jou. Dus zie Hem als jouw God en Hij zal grote wonderen doen in jouw leven!

zaterdag 21 juli 2012

ALS EEN MUG EEN OLIFANT WORDT


Soms heb je van die stukken in de Bijbel waar je in eerste instantie niet veel van snapt maar waar je later, als je er eens over nadenkt, juist veel van leert.
Richteren 20 is zo’n stuk vind ik. Een bizar verhaal. De bijvrouw van een Israëliet is door Benjaminieten verkracht tot ze dood is. De Israëlieten komen als één man bij elkaar, ze vragen de Benjaminieten de daders uit te leveren, wanneer deze dit weigeren gaan de Israëlieten naar God en vragen Hem om raad. God zegt hen tegen hen op te trekken en de strijd aan te gaan. Het gevolg is: nog grotere schade, ze verliezen 22.000 man.
In vers 22 staat dan: Maar het volk vatte moed, zij stelden zich opnieuw op voor de strijd, op de plaats waar zij zich de vorige dag voor de strijd hadden opgesteld. Ze trokken op en huilden voor het aangezicht van de Heere. Zij raadpleegden de Heere en zeiden: Zal ik opnieuw de strijd aanbinden? En de Heere zei: Trek tegen hen op.
Ze vragen dus voor een tweede keer raad aan God en God zegt: ‘Ja, trek tegen hen op’
Het gevolg? Nog 18.000 man dood.
Dan trekt het hele volk naar het huis van God, ze huilen, ze vasten, ze brengen God offers en ze raadplegen God weer. Ze vragen: ‘Zal ik nog eens ten strijde trekken, of zal ik ervan afzien?’ En God zegt: ‘Nee, want morgen zal Ik je de overwinning geven’
Dit vind ik dus echt een bizar verhaal. Die mensen gaan drie keer naar God om te vragen wat ze moeten doen. Ze doen niet hun eigen zin maar vragen aan God wat ze moeten doen.
‘Ik heb een probleem, moet ik de strijd er tegen aangaan of niet? Ik heb een vijand, moet ik die vijand proberen te verslaan of niet?’ en God zegt: ‘JA, ga die vijand verslaan.’
Ik denk dat als je een issue in je leven hebt en je vraagt God om raad en je volgt die raad dan ook op en je pakt het probleem aan dat je dan ook ergens verwacht dat dat zal lukken. 
Maar de eerste dag verliest het volk hier 22000 man en de dag daarop nog eens 18000 en pas de derde keer overwinnen ze.
Zou ik de strijd ook nog een tweede keer aangaan, en een derde keer, of zou ik na de eerste keer al opgeven? Zou ik zeggen: ‘Nou Heer, eerst was er 1 vrouw dood en nu al 22000 man. Eerst had ik een probleem maar nu heb ik een drama!’?
Ik leer hier wel twee dingen uit. Dat een strijd ook al zegt God dat we hem aan moeten gaan niet altijd meteen gewonnen is en als dat dan zo is dat we niet meteen op moeten geven. Het volk bleef naar God gaan. De eerste dag huilend, de tweede weer huilend maar ook gingen ze vasten en brachten God offers en ze bleven God om raad vragen: ‘Heer wat moet ik nou doen, moet ik die strijd nou nog een keer aangaan of moet ik het nu maar opgeven?’ En God zegt: Nee, je gaat er weer voor.
Eigenlijk zegt God: Je blijft gewoon net zolang die strijd aangaan tot je hem gewonnen hebt, je geeft gewoon niet op. Je geeft niet op!
En dan, als het volk weer ten strijde trekt staat er: ‘Toen versloeg de Heere Benjamin voor de ogen van Israel’ 
Conclusie: 
Blijf altijd doen wat God zegt hoe rottig de situatie er ook uitziet en geef nooit op!

vrijdag 20 juli 2012

MIJN KEUS? GODS GUNST


Toen ik vanmorgen in het boek Daniel las moest ik ineens terug denken aan gisteren toen ik in Breda was en keek naar alle winkelende mensen, enthousiast over al het moois in de etalages en nu nog in de uitverkoop ook. Ikzelf hou ook nogal van winkelen en laat me regelmatig verleiden tot het kopen van allerlei van dat moois. En ik ben er ook van overtuigd dat God ons ook alle moois van de wereld gunt,maar Daniel liet me vanmorgen wel iets zien.
Daniel wordt als balling aan het hof van de koning gehaald en de koning wil hem graag tot een van de hunne maken. Hij biedt hem zijn voeding en kennis aan. Daniel zegt echter nee tegen deze overheerlijke spijzen en fonkelende wijn. Hij zegt dat hij zich er niet mee wil verontreinigen en alleen zal eten wat God hem aanbied. Daniel houdt het bij Gods voeding en Gods onderwijs.
Het uiteindelijke gevolg van deze keuze is dat hij wordt overladen met vele, grote geschenken en dat hij heerser wordt over heel Babel en opperhoofd van alle wijzen van Babel.
Ik vind dit echt een voorbeeld van hoe de wereld nu is en de keuze die wij daarin hebben. Een wereld die zoveel te bieden heeft aan moois en lekkers en kennis en overvloed. Allemaal dingen die God ons heus gunt en heus wil dat wij ervan kunnen genieten en ons ook zeker wil geven. De vraag is denk ik alleen: willen we ze in plaats van wat God ons te bieden heeft? Waar gaat onze voorkeur naar uit? Wat is onze eerste keus: God of de lekkernijen van de wereld?
Daniel koos onvoorwaardelijk voor God en zelfs de koning zegt dat Daniel tien keer voortreffelijker is dan alle geleerden van het land.
Daniel is balling onder een vreemde koning in een vreemd koninkrijk maar hij bleef leven volgens de principes van zijn Koning, wat wijsheid, inzicht, rijkdom en heerschappij tot gevolg had.
Wij zijn eigenlijk ook een soort ballingen die leven onder een vreemde koning in een vreemd koninkrijk die ons een van de hunne wil maken, maar ook wij kunnen ervoor kiezen te blijven leven volgens de principes van ons Gods Koninkrijk.
Ook wij kunnen kiezen voor Gods ‘voeding’ en ongetwijfeld zal ook voor ons het gevolg wijsheid, inzicht, rijkdom en heerschappij zijn.
Er staat dat Gods gunst op Daniel was. Gaaf om te weten dat wanneer ik ga voor God,
Zijn gunst op mij is.

donderdag 19 juli 2012

BODY PERFECTION


Vandaag is weer mijn schrijfdag bij ‘Inspire’ en gelukkig werd ik daar ‘inspired’. Toen ik zomaar wat zat te kijken naar al die verschillende mensen moest ik denken aan 1 Korintiërs 12 waarin God alle Christenen samen vergelijkt met Zijn lichaam. 
Hij zegt: Kijk nou eens naar je eigen lichaam wat bestaat uit allemaal aparte lichaamsdelen en organen. Om dit lichaam als totaal optimaal te laten functioneren moet alles in dat lichaam gezond zijn. Als er één deeltje ongezond is heeft je lichaam daar als geheel last van en functioneert het niet meer optimaal. Daarom doen we er ook alles aan om als we iets mankeren dit zo snel mogelijk weer te laten genezen. Dat snappen we allemaal en daar zijn we het allemaal mee eens.
Hoe komt het dan dat het ineens zo moeilijk is om het toe te passen als het om een groter lichaam gaat? God zegt: zoals bij jouw lichaam ieder deeltje hoort bij jouw lichaam, zo bestaat Mijn lichaam uit jullie allemaal, jullie zijn Mijn lichaamsdelen, dus als er een van jullie ziek of geblesseerd  is functioneert Mijn lichaam niet goed. En omdat God ernaar verlangt en streeft wel goed te kunnen functioneren zou dus ook alles in het werk gesteld moeten worden dat deel te genezen. Maar dat gebeurt heel erg vaak niet.
Dat komt denk ik omdat de ‘lichaamsdelen’ onderling er niet zo’n last van hebben als één deel niet goed functioneert. Toen mijn voet gebroken was had mijn arm daar bijvoorbeeld geen last van en m’n ogen ook niet en m’n mond niet of m’n oren, maar mijn lichaam in z’n totaliteit wel, doordat mijn voet gebroken was kon de totaliteit van mijn lichaam niet goed functioneren. Ik kon nog steeds m’n haren wassen, met vriendinnen koffie drinken, lezen etc., ik werd alleen belemmerd in m’n lopen en ik denk dat dat de issue is als er iemand van Gods kinderen, een handicap heeft, pijn heeft, verdriet heeft dan heeft een ander deel daar niet zo heel erg veel last van maar God wel, want wij zijn Zijn lichaam, als een deel niet goed functioneert kan God niet goed functioneren. 

Ons doel is juist Gods werk te zien manifesteren in deze wereld en om deze wereld een almachtig God te laten zien. Maar als God bestaat uit zieke en gehandicapte lichaamsdelen dan kan God niet goed functioneren. 
Dat geeft ons meteen zelf de verantwoordelijkheid om als lichaamsdeel gezond te blijven.  Als we een oog zijn dat we naar het goede blijven kijken, als we een oor zijn we naar het goede blijven luisteren, als we een mond zijn dat we het goede blijven spreken, als we een voet zijn dat we stevig zullen blijven staan en in de goede richting blijven lopen.
In eerste instantie hebben wij de verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat wij als lichaamsdeel van God gezond blijven, en daarnaast, als een ander lichaamsdeel om wat voor reden dan ook toch ziek of gehandicapt wordt we dit deel verzorgen en helpen weer beter te worden.

woensdag 18 juli 2012

MIJN VADER


MIJN VADER
Als je God nummer 1 maakt 
komt daarna al het andere wel goed.
(Mijn eigen vrije vertaling van Mattheus 6:33.)
Gisteravond begon ineens de zon te schijnen. Het lijkt wel of zelfs James snapt welke mogelijkheden dat biedt, hij spring omhoog, begint zenuwachtig te piepen en gaat me strak en hoopvol aan zitten kijken. Oké, we gaan wandelen. Ik loop een hele grote ronde in de polder, het is heerlijk, de wind is lauw en waait door m’n haar, buiten wat vogels en het hijgen van James is het zo goed als stil. En als vanzelf begin ik met mijn Vader te praten die met me mee wandelt.
God is onze Vader en Zijn verlangen voor ons is altijd dat we gelukkig zijn en geen tekorten kennen. Een vader voedt op, een vader staat bij, een vader geeft goede raad, en daad trouwens, maar wat een vader het liefste wil is optrekken met zijn kind, een goede relatie, een diepgaande relatie die gebaseerd is op liefde en vertrouwen. Ik kan me nog wel herinneren dat mijn vader zo trots op me was, alleen maar omdat ik zijn dochter was. Hoe vaak ik ook thuis kwam, hij was altijd blij om me te zien, ik kwam nooit ongelegen. Wat hij ook aan het doen was, z’n gezicht lichtte op als ik binnenkwam en hij maakte meteen tijd voor me. Ik heb dan ook nooit, werkelijk nooit  getwijfeld aan zijn liefde voor mij.
Ik denk dat dit dezelfde relatie is die God met ons wil, en dat is aan ons. Wij bepalen hoe vaak we ‘op visite’ gaan bij God, wij bepalen de diepte van onze relatie met Hem. Gods gezicht licht altijd op als we komen en Hij is altijd blij om ons te zien, we komen nooit ongelegen en Hij maakt altijd tijd voor ons. 
Ik vind het gaaf mijn Vader nog voor het ontbijt te spreken, ik vind het gaaf als Hij meegaat naar m’n werk, op visite, winkelen. Als Hij er is tijdens de lunch, het koffie drinken en het avondeten. Ik vind het gaaf om samen te lezen en  tv te kijken en ik vind het gaaf om samen met Hem te wandelen.

dinsdag 17 juli 2012

GOD ONLY KNOWS



Ik zit wel een beetje op het vlak van de dood deze week geloof ik. Niks voor mij, ik ben juist iemand van leven, uitbundig leven zelfs. Ik val altijd voor de teksten in de Bijbel die gaan over leven, groeien, ontwikkelen, mogelijkheden, en ik ben er ook van overtuigt dat dat is wat God voor ons wil.
Maar ja, ook de dood hoort bij het leven en ook dat komt op ons pad. En dan?
‘Als je sterft keert je geest weder tot God, die hem geschonken heeft’ zegt Prediker in zijn laatste hoofdstuk. (Pred.12:7)
Ik moet denken aan mijn vriendin,Pauline, die vanmorgen weer in haar Hyves schrijft over haar pas overleden zoon: ‘Steek de kaarsjes bij z’n foto aan. Nog vroeg en donker, even ‘samen’. Keek Alexander diep in z’n (zó mooie) ogen en vroeg hem wat er toch in hemelsnaam gebeurde, of hij het alsjeblieft nu warm, goed, mooi heeft waar hij nu is’
en dan lees ik in Prediker dat je geest terug gaat naar God, die hem gegeven heeft. Geen woord over ‘Als je tenminste gedoopt bent’ of iets dergelijks.
Geen voorwaarden, je geest gaat terug naar God, punt.
Wat God dan verder met je geest doet weet ik niet. Welke plannen Hij heeft, ik weet het niet, ik weet alleen dat je geest terug gaat naar Hem.
Het is Zijn geest, Hij gaf hem ons.
God is liefde, God is warm en goed en mooi en rechtvaardig.
Alexanders geest komt bij God.
En dan?
Er zijn dingen die alleen God weet.

maandag 16 juli 2012

WEER ETEN


Het valt niet mee om je kind zo down en zo zonder enige levensvreugde of toekomstverwachting te zien. Het valt niet mee om niet te weten wat te doen en niks weten te zeggen.
Een paar zinnen die ik gisteravond opschreef en waar ik mee in slaap viel.
Ik denk dat iedereen weleens in een situatie zit waarin je gewoon niet weet wat je moet zeggen , je piekert, je maalt, je hersens kraken maar je weet het gewoon niet. De ander stort misschien een woordenvloed over jou uit, kwetsende woorden, beangstigende woorden, hartverscheurende woorden en jij zit alleen maar te denken:’ Wat moet ik in hemelsnaam terug zeggen?’.
Uiteraard heeft God hier weer het perfecte antwoord op. Ik las het vanmorgen in The Everyday Life Bible, in het boek Ezechiël.
God zegt daar dat we niet bang moeten zijn voor de woorden die anderen spreken, en dat wij ten alle tijden Zijn woorden tegen hen moeten blijven spreken, of ze het nou willen horen of niet. Tegen Ezechiël, en misschien ook wel tegen ons zegt Hij zelfs: Eet Mijn Woord op, doe je mond open en Ik voer je Mijn woorden. Weet je dat Hij zelfs Ezechiëls tong aan z’n gehemelte plakte zodat hij niet zijn eigen woorden zou kunnen spreken? Ik denk dat God wel weet dat wij vaak allerlei goedbedoelde onzin uitkramen om de ander te helpen, zomaar wat zeggen omdat we eigenlijk niet weten wat we moeten zeggen. In bepaalde situaties helpt maar één ding, en dat is Gods Woord.
God stuurt Ezechiël hier naar de opstandige gevangenen met z’n tong aan z’n gehemelte geplakt en Hij zegt: ‘Als Ik spreek zal Ik je mond openen.  En dan moet  je tegen de mensen zeggen:' Dit is wat de Heer zegt, laat wie het wil horen ernaar luisteren en wie het niet wil horen, die luistert maar niet.’
God maakt hier duidelijk dat het onze taak is Zijn woord te spreken tegen mensen die gevangen zitten in een situatie en opstandig zijn of verdrietig en geen uitweg of oplossing zien. Gods Woord is leven, altijd! Leven en liefde, acceptatie, vergeving, nieuwe kansen, mogelijkheden. 
Wij moeten het vertellen opdat die ander het weet en we hoeven niet bang te zijn geen woorden te kunnen vinden want God zelf zal onze mond openen.
Wat de ander er vervolgens mee doet, dat is zijn eigen keuze.

Wat een gave bemoediging weer, een goed begin van mijn dag!


zondag 15 juli 2012

GOOD FOOD ONLY



Vandaag las ik weer eens Markus 5, het gedeelte waarin twee vrouwen genezen worden door Jezus: de bloedvloeiende vrouw en het dochtertje van Jaïrus. Dit hoofdstuk eindigt ermee dat Jezus het huis van Jaïrus verlaat en zegt dat ze het meisje iets te eten moeten geven.
Dat heb ik toch altijd zo’n raar einde gevonden en ook vandaag had ik dat weer, ‘Geef het meisje iets te eten’ 
Zou het niet zo kunnen zijn:
In al Jezus genezingen zie je dat geloof de cruciale rol speelt. Jezus benoemt het zelf ook steeds ‘Je geloof heeft je genezen’ Geloof je dat ik je kan genezen?’ ‘het gebeurt zoals je gelooft’ en als mensen dit bevestigend beantwoorden zegt Hij vaak ‘sta op’ of ‘ga naar de tempel en breng het passende offer’  o.d. Hij verbindt er in ieder geval meestal een opdracht aan die eigen verantwoording vereist. Hij zegt nooit: “Ik heb je genezen’, Hij zegt altijd ‘jouw geloof heeft je genezen’
De vrouw die al twaalf jaar bloedingen had bracht haar geloof in praktijk. Ze wist als ik Jezus kracht ontvang ben ik genezen. Om Zijn kracht te kunnen ontvangen moest ze Hem aanraken, contact met Hem hebben en dat deed ze, en ze was genezen. Jezus zegt tegen haar: ‘U bent genezen door uw geloof in Mij, ga met een gerust hart naar huis’
Jaïrus geloofde ook dat Jezus kracht zijn dochtertje kon genezen als Hij haar aanraakte.
Daarom gaat Hij Jezus halen en vraagt Hem mee te komen. Op weg naar zijn huis komen mensen hen tegemoet om te vertellen dat het dochtertje gestorven is en dat het geen zin meer heeft dat Jezus nog komt: Ongeloof. Jezus zegt tegen Jaïrus: ‘wees niet ongerust vertrouw op Mij’  Volgens mij zegt Jezus hier: ruil je geloof niet om voor ongeloof, want het is je geloof wat  zal genezen. Bij het huis aangekomen zijn de mensen aan het huilen en jammeren en Jezus zegt; ‘Waarom dat lawaai, waarom dat gehuil. Het kind is niet gestorven, het slaapt’  De mensen lachen Hem uit en geloven Hem niet: Ongeloof. Jezus stuurt de mensen weg. Jezus stuurt ongeloof weg, ongeloof maakt genezing onmogelijk.
Hij neemt de ouders mee naar boven, Jaïrus, de vader had wèl geloof. Hij zegt tegen het meisje: ‘Sta op meisje’ en het meisje is genezen. En dan als Jezus weggaat zegt Hij dus: En geef haar iets te eten’ Ik denk dat Jezus bedoelt: geef haar geloof, onderwijs haar in de waarheid. Eten geeft je kracht, voeding zorgt ervoor dat je blijft leven. Dit meisje bevindt zich tussen velen ongelovige mensen die niet geloven in de kracht van Jezus en ik denk dat Jezus dat bedoelt als Hij zegt ‘geef haar eten’ m.a.w. geef haar geloof.
Tegen de vrouw met de bloedingen  zegt Hij: ‘ga met een gerust hart naar huis‘, deze vrouw had geloof, ze was goed ‘gevoed’
Het gave is dat Jezus nu in ons woont en wij Hem dus ‘fulltime’ aan kunnen raken en contact met Hem kunnen hebben. Wij kunnen  dag en nacht gebruik maken van Zijn kracht als we geloven. Ons geloof in Zijn mogelijkheden doet wonderen!